Column Vaders ‘Dichter’

Not that often, but far more often than I would have wanted to,

this year I have deleted numbers, email addresses, names

of those who are beyond the reach of phone calls, computer messages, letters

and the grasping of my voice whether I howl or whisper…’

De eerste vier regels van November uit de bekroonde bundel Fault Lines van Kendel Hippolyte van St. Lucia.

Een gedicht over onmacht en reflectie. Het gerinkel van de telefoon trekt door merg en been maar er wordt nooit meer opgenomen. De mail nimmer meer beantwoord, uit de radio klinkt slechts wat dof geruis.

En daar zat hij dan die woensdagavond begin maart in de marge van het reguliere Haagse interparlementaire overleg in de privéshow van de pedante Pauw en de wijze schoolmeester Witteman.

Uit keihard mahoniehout gesneden zat hij daar, zich enigszins verwonderend over het gemêleerde gezelschap dat de ronde tafel deelde: de fractievoorzitter van de VVD in de Tweede Kamer en de ex-voorzitter van pedofielenvereniging Martijn.

Helmin Wiels fronste slechts de wenkbrauwen, gaf geen krimp en oefende een diep veelzeggend zwijgen uit. De compacte ‘mighty man’ deed me denken aan een wezen van buitenaardse categorie die in het gekkengesticht van de residentie is geparachuteerd, een oord waar alles maar moet kunnen met het oog op de heilige vrijheid van vereniging en meningsuiting, die overigens niet voor  allen geldt.

Het is Wiels die de toehoorders en tv-kijkers geduldig uitlegt dat ‘op mijn mooie eiland’ jutezakken persoonlijk eigendom zijn van Zwarte Piet, een soort vakgereedschap zodoende om stoute kinderen af te voeren, en dat dit per se geen body bags zijn om Europese rijksgenoten naar het overzeese thuisland te deporteren.

‘Antillenkenner’ Zijlstra houdt daarop een betoog over het begrip makamba dat volgens hem zoiets betekent als mof – de slechte perverse Duitser – in Nederland.  

Wiels vertrekt geen spier. Hij geeft geduldig zijn visie over zijn onafhankelijkheid, zijn visie over een schitterend eiland in de zon op weg naar volwassenheid met een deugdelijk bestuur, een economie op peil, een adequaat onderwijssysteem en niet te vergeten de bestrijding van de corruptie. Niets geen klagen, op eigen benen staan na het allesbeslissende referendum over een jaar of tien.

Hij legt uit dat er toch wel aanzienlijke cultuurverschillen tussen Nederland en de Antillen bestaan en dat de meeste Haagse parlementariërs niet eens weten waar Curaçao ligt.

Twee weken na zijn optreden bij Pauw & Witteman was hij mijn gast bij Paradise FM in het praatprogramma Analyse. Dat was al voor de tweede of derde keer, want met een Wiels op dreef was het altijd goed kersen eten.

Helmin Wiels was laat voor de uitzending, ik begon mij enige zorg te maken. Vijf over negen kwam hij gehaast de studio binnenlopen. Zonder enige lijfwacht. Hij torste een volle loodzware aktetas. Maar gewichtheffen was nu eenmaal zijn passie in de ochtenduren. En het bestuderen van literatuur, het interpreteren van de Bijbel en het jagen op leguanen geleerd als jonge jongen op Westpunt, en natuurlijk het sleutelen aan zijn auto als een volleerde monteur, en – last but not least – het schrijven van poëzie.

We hielden daarna contact via de mail. Zijn poëzie zou worden uitgegeven door Mon Art Productions. Dat werd al snel duidelijk. Hij was verrukt, raakte gefascineerd. Enig nader overleg zou deze maand, in mei, volgen.

Wat kunnen we hier nog meer over zeggen? Dat het leven bikkelhard is en vol valkuilen en fatale lessen? Dat je je eigen lot niet kunt ontlopen? Dat jouw God, waarin je als diepgelovig mens je principes op hebt gebaseerd, je voor een kort doch cruciaal moment in de steek liet? Wie zegt het? Wat zegt dit? Blijft over wat hij tegen mij over zichzelf zei: ‘Mi ta un persona di karakter fuerte, disidido i ku ta lucha pa e meta ku e tin su dilanti!’

Helmin Wiels – wat zijn 16090 voorkeursstemmen tijdens de laatste verkiezingen nog waard? – heeft nu zijn eigen onafhankelijkheid gevonden. Maar zeker niet op een manier die hem zelf voor ogen stond. Ik hoop echter dan hij, de Léopold Senghor van Curaçao, nu zijn vrede vindt, deze markante politicus, de debuterende dichter, die ongetwijfeld de geciteerde woorden van Hippolyte in het hart zou hebben gesloten.

VADERS

 
Vaders heeft een wekelijkse column in de Amigoe … en heeft me toestemming gegeven deze column ook op mijn website te publiceren.

Leave a Reply