Voorbij de politiek…

De dood van gedetineerde ‘Pretu’ die in zijdelingse zin in verband werd gebracht met de moord op de politicus Helmin Wiels op het moment dat de ‘Nederlandse’ beveiliging de zaak net overgedragen heeft aan het Openbaar Ministerie en de politie is op z’n zachtst gezegd ongelukkig of zoals velen het benoemen ‘curieus’. Het Openbaar ministerie belast met de beveiliging staat in z’n hemd, de advocaat die hem verdedigde en een ander onderkomen voor hem wilde in verband met de langdurigheid van het onderzoek ligt onder vuur, de politiebewaking van de gevangenis in Barber wordt argwanend bekeken en ondervraagd en de minister van Justitie heeft zijn functie ter beschikking gesteld.

Het volk roept om gerechtigheid en wil dat er koppen rollen voor deze ‘fout’ die de mogelijkheid van het oplossen van de moord op Helmin Wiels in hun ogen op een dusdanige achterstand zet dat de kans zichtbaar wordt dat die moord misschien wel nooit opgelost worden zal. De commentaren en meningen zijn niet van de lucht. ‘Iemand moet de verantwoordelijkheid nemen’ en ‘het volk wordt in de maling genomen’. De vingerwijzingen zijn talloos. ‘Iemand heeft de schuld’ en wie de schuld heeft moet bloeden. De minister van Justitie is een ‘fatsoenlijk’ mens en doet aldus wat hoort omdat de ‘fout’ verricht is door een van de instellingen vallend onder zijn ministeriele verantwoordelijkheid en hij uiteindelijk eindverantwoordelijk is: hij neemt zijn politieke verantwoordelijkheid en zal morgen in het parlement verantwoording afleggen. Portefeuille staat ter beschikking, de eindconclusie over zijn ‘lot’ ligt in handen van het parlement.

De ‘kop’ van jut is reeds af(geslagen), de ‘boetedoening’ reeds in werking gesteld. Inkoppen die hap en klaar… maar is dat zo? Iets aan deze zaak voelt niet ok. Curieus of niet, zelfmoord of niet… het moment waarop dit heeft plaatsgevonden zet wederom veel structuren waarin wij leven en waarvan wij afhankelijk zijn op losse schroeven. Gepensioneerden gaan de straat op vanwege maatregelen die hen op onevenredige en oneerlijke wijze financieel beperken, het onderwijs is ondermijnd en gestript van de middelen die het nodig heeft om te kunnen functioneren, en nu is het justitiele aparaat aan de beurt.

Allemaal incidenten? Op zichzelf staande feitelijkheden? Ik weet het niet. Het enige dat ik wel weet is dat dit gebeuren de weg naar angst en wantrouwen in het bestaande systeem wijdopen zet en daarmee volgt automatisch de ontwrichting van een land. Onderwijs, gezondheidzorg en justitie… think about it.

Goede mensen nemen hun ‘politieke’ verantwoordelijkheid… en ik vraag me af: Zitten we nog wel in een politiek bestel waar politieke regels gelden? Of moeten we zo langzamerhand vaststellen dat we voorbij de politiek zijn en dat goede mensen juist sneuvelen om die reden?

 

 

De achterdeur

Het luik in jouw hart

dat altijd open staat

‘voor het geval dat’

fibreert op mijn woorden

 

De kier die jij je toestaat

wanneer het moeilijk wordt

ligt in verwijtende toon

op mijn tong

 

Een kierend luik

een achterdeur

heb je

om me achter

te laten

wanneer het je

te heet

onder je voeten wordt

 

Dat is wat ik

tegen je schreeuw

 

Ogen reflecteren

mijn woorden

en in mijn gedachten

ben je al weg

 

Dan zie ik

in diezelfde refelectie

tegen wie ik dit

werkelijk zeg

 

De deur die openstaat

is niet van jou

The biggest stick…

De wereld schreeuwt. Schreeuwt om verandering. Verandering van systeem, van de manier waarop we met elkaar omgaan, van de waarden en normen die niet meer bij ons passen maar die als een harnas om ons heen worden gemeten, tot verstikkens toe. Mensen over de hele wereld zijn in beweging om duidleijk te maken dat de systemen waarin we leven niet meer ‘kuaderen’, niet creeren wat we nodig hebben en niet (meer) voldoen aan wat we met onze levens willen. De democratie moet op de schop, en daarmee de beperkingen die wij met de zegen van de meeste stemmen de ander opleggen. Vrijheid van meningsuiting ramt tegen de grenzen van het ‘aanvaardbare’aan en is aangeland op het niveau ‘ordinair’ zeggen wat je zeggen wil. Omdat dat moet ‘kunnen’. En de wet beschermt dat. De wet… die meer en meer aangescherpt wordt aan al die andere wetten die kennelijk niet doen wat ze zouden moeten doen en die naar mijn smaak steeds meer ‘uitgaan’ van het slechte in ons. Misbruik uitsluiten… totdat de welwillenden onder ons er slachtoffer van worden en moeten aantonen dat zij het goed bedoelden… omdat de wet uitgaat van misbruik in plaats van het goede in de mens. Wat moeten we met zo’n systeem? Ermee doorgaan? Nog meer regeltjes maken? In dit land waar de gevangenis volzit en er meer en meer mensen tot het strafbare circuit lijken door te dringen… nog meer straffen uitdelen? Nog meer cellen bouwen? Nog meer mensen opsluiten? Of wordt het tijd dat we gaan erkennen dat het systeem waarin we leven zijn beste tijd heeft gehad? De regels lijken er tegenwoordig niet meer te zijn om een samenleving te reguleren op een nette manier, eerder zijn ze er om ze in abstracte vorm mee te spelen en de grenzen ervan op te zoeken. Een kortstondige intellectuele egoboost creerend waarin het advocaatje de rechter te slim af is geweest. Wat levert het op? Wat brengt het ons? In dit toenemende circus van normverval krijg ik steeds meer het idee dat we degeneren naar het leven van holbewoners waar de eigenaar van de ‘biggest stick’ de dienst uitmaakt. Want ondertussen is het de schuld van de ander dat het leven je niet brengt wat het zou kunnen, is het de ander die de beperkingen oplegt en is de weg die we bewandelen erop gericht de ander te onderwerpen aan whatever the [email protected]#’ wij denken dat we van die ander nodig hebben om onze eigen beperkingen op te heffen.

Well ik heb er nog maar een ding op te zeggen:

 Wie met een vinger naar een ander wijst, wijst er met drie naar zichzelf! Let’s get real. Onderzoek je motieven, kijk naar de redenen -in alle eerlijkheid- waarom je doet wat je doet en wanneer je daarin de fractie van een twijfel in de zuiverheid ervan vindt, doe dan de ander niets aan. Zeg ook niets, alsjeblieft, om jezelf en je gedrag te vergoeilijken. Kijk naar binnen, onderzoek je angsten en kom tot de ontdekking dat het niet de ander is die je beperkt, maar dat juist die muur waar je tegenaan denkt te lopen er staat zodat je stil kan staan bij jezelf. Om te ontdekken wat het is dat je doet om jezelf tegen te houden op weg naar je eigen geluk.  De weg is andersom, niet van buiten naar binnen, maar van binnen naar buiten… Het zijn al lang niet meer de regeltjes die ons functioneren mogelijk maken, het is ons gedrag als mensen. En in ons mens-zijn wordt er nu meer dan ooit iets van ons gevraagd dat de abstracties van wetboeken overstijgt.  Er wordt een beroep gedaan op onze menselijkheid.  Die van vlees en bloed, die tastbaar is door onze daden. Die van de goede buur die soep brengt bij een zieke (ken je je buren?), die van de helpende hand bij autopech (wie stopt er nog?), de mens die in dankbare overvloed leeft en die zich niet achter een muur of een alarmsysteem verschuilt maar die anderen deelgenoot laat zijn van zijn overvloed (hoe dankbaar ben je?), de corrigerende opmerking tegen de buurjongen die kattekwaad uithaalt en wiens moeder nog niet thuis is (wie durft dat nog?).

We zijn elkaars ogen, handen en medeverantwoordelijk voor elkaars welzijn omdat wij door voor de ander te zorgen, vanuit een gezond en eerlijk evenwicht in onszelf, uiteindelijk ook voor onszelf zorgen. En wie daar niet aan geloven wil… I suggest you go and find yourself the biggest stick you can find and a cave, to hide in. Cause change is on its way!

Lome leegte

In deze lome leegte

van lethargisch functioneren,

van platgetrapte emoties

vlak en lithium waardig

aangeslagen

energielekkend

lamgeslagen

in deze stille

pathalogische aderlating

van stervend gevoel

bewegen wij

beroerd onberoerd

overlevers

zonder leven.

Column Vaders ‘China’

Waar zal het geweest zijn en niet eens zo heel erg lang geleden? Twee jaar misschien? St. Kitts, Dominica, Grenada, St. Vincent? Het korrelige geheugen laat de modale mens toch altijd maar weer bij tijd en wijle in de steek.

Maar goed, er ontstond enige commotie bij het zwembad waar ik vette patat met saté aan het eten was.

Acht Chinezen gestoken in onberispelijk zwart maatpak met stropdas – dit ondanks de zinderende hitte – met identieke diplomatenkoffer in de rechter hand en dito laptop over de linker schouder, spoedden zich in ganzenpas achter een lieftallige dame van de receptie van het hotel aan naar hun respectievelijke airco-kamers.

Het was duidelijk. Een nieuwe missie van onze vrienden uit het verre Azië. Wat zou er weer bedisseld gaan worden tussen deze delegatie en de regering van dit onafhankelijke mini-eiland in de luwte van de echte grote wereldpolitiek in ruil voor een stem in de Verenigde Naties? Nog een nieuw sportcomplex dan maar, een serie keurige visserswoningen, een weg gedrild door het bergachtige landschap, een dependance van het alreeds met geld uit Peking gefinancierde nieuwe ziekenhuis of toch een aandeel in het door de nijvere kameraden uit Cuba gebouwde nieuwe vliegveld met een uitstekende hub naar Zuid-Amerika?

Nou ja, iedereen in het Caribisch gebied wil wel met de leiders uit China van gedachten wisselen en ironisch genoeg niet of nauwelijks met de Chinese minderheid op het eigen eiland. Dat zijn nu eenmaal maar domme chino’s, slechts de verschaffers van hun dagelijkse armenmaal van patat, saté en kippenpoot.

 

Wat had die Curaçaose delegatie onder aanvoering van onze minister van Economische Ontwikkeling Steven Martina eigenlijk te zoeken in de lagere echelons van Peking? De dynamische Gerrit Schotte was er toch al eens geweest, nou ja die hield wel van een peperdure reis in menig business class. En wat heeft die reis toentertijd opgeleverd? Heeft de delegatie-Martina in Peking ook patat met saté gegeten? Wilden ze die domme chino-bobo’s ook een toegangspoort  naar Zuid-Amerika aansmeren of een assemblagebedrijf zonder gekwalificeerde werkkrachten? Wellicht wat off shore-tips geven? Nu, dit alles past naar het schijnt in een breder ‘plan’ met mooie intenties en een ieder weet wat mooie intenties in deze wereld waard zijn. Inderdaad, gebakken lucht.

Hoe hypocriet kunnen vertegenwoordigers van ons eiland wel niet zijn. Daarbij komt nog dat China absoluut niet zo geïnteresseerd is in een eiland dat afhankelijk functioneert binnen een Koninkrijk. Flinke lucratieve zaken worden er uiteraard wel gedaan maar dan met Den Haag, de hoeder van de moderne VOC-mentaliteit.

Laten we onze centen, de centen van de belastingbetalers – en die zijn er mijns inziens steeds minder maar nog steeds wel als rara avis op dit eiland te vinden – nu maar niet vergooien met het pamperen van delegaties uit China.

Oké, die zijn in staat om binnen een jaar met ingevlogen Chinese arbeiders en ingenieurs een hypermodern ziekenhuis volgens de Weeber-norm te bouwen of het wegennet pak weg richting Westpunt compleet te renoveren. Helaas, wat kunnen we terugdoen? We hebben zelfs geen stem in de Verenigde Naties, de droom van Wiels.

Beter zou het zijn onze bloedeigen Chinezen eens wat meer te verwennen, voor mijn part op een voetstuk te plaatsen. Hardwerkende mensen met een toko, een grote mini-markt of een snèk. Het maakt niet uit.

Reguliere praktijk is echter dat een Chinese eigenaar die zijn dozen met sigaren probeert te verdedigen tekent voor zijn eigen begrafenis. Of een paar drop outs die denken een Chinees echtpaar te kunnen bevrijden van hun zuurverdiende dagopbrengst en daarbij en passant het tweetal neerschieten.

Zo gaan we dus met elkaar om en leg dat maar eens uit aan de Chinese delegatie die volgens de media van plan is op termijn ons eiland te bezoeken. Zet de opgewarmde rijst, de patat en sate alvast maar klaar voor die domme diplomaten. Misschien stemt het ze daarmee wat beter als waren ze thuis.

VADERS

 
Vaders heeft een wekelijkse column in de Amigoe … en heeft me toestemming gegeven deze column ook op mijn website te publiceren.

Aanbidster

Deep blue depth

In the deep depth
of the blue lady
I find the truths
of the world
In her lap I rock
around the world
she has known
for more ages
than I can count
Her moving blueness
sooths, smooths and shivers me
Alive I feel
flowing with her
Alive I am
being with her
Waternymf, Corallangel
Queen of the wind
Empress of elements
Reminding me to
flow and be one with
this movement called life
for her as easy as the way she moves
for me represented in the beating of my heart
that I can loudly hear
when just with her
guiding me to the one I love
driving me
with no other objective
than love itself
So sleep in my lap tonight
and let me rock you
to the deep depth
of the Blue lady
where there is nothing
but life and love

‘Sehos’ door Vaders

Zo nu en dan kocht mijn vader, met mij immer als een jonge hond in het trouwe voetspoor, weleens wat interessante zaken. Zo bezochten we op een zaterdagmiddag Lou Lap bij het Rembrandtplein in Amsterdam om daar een zware Amerikaanse veldkijker te shoppen.

Lou stond in die tijd bekend als de dealer van afgeschreven legerspullen uit de Tweede Wereldoorlog en vooral zijn pukkels – wie kent ze niet – waren enorm populair bij de toenmalige schoolgaande jeugd. Bowie-messen, bajonetten en camouflage-jacks overigens ook.

Tevens bezochten we een uitgewoond grachtenpand waar gloednieuwe doch afgedankte tenten tegen een spotprijs werden aangeprezen. Het werd een kleine waterdichte tweepersoonstent, uitermate geschikt voor het lange postuur van mijn vader om daarin ietwat dwarsliggend in zijn functie van militair vriesnachten op de besneeuwde Noordduitse Laagvlakte te trotseren.

Het verkeerde tenslotte op het hoogtepunt van de Koude Oorlog en de perverse bolsjewiek stond met honderden tanks gereed om vanaf de grens van de DDR op te trekken naar de Noordzee. Uiteraard op een zondag, zo ging de mare, want dan waren de langharige Nederlandse soldaten met verlof en de kazernes dus leeg en verlaten.

‘Een mooie tent’, mompelde mijn vader, ‘en het gaat per slot van rekening niet om de buitenkant maar om de inhoud.’

Onlangs sprak ik minister Ben Whiteman van Gezondheidszorg, een man gepokt en gemazzeld in die zorg die zo belangrijk is voor onze behoeftigen, zieken en noodruftigen. ‘Het gaat om de inhoud’, beklemtoonde de bewindsman, ‘om de fysieke invulling en niet om het gebouw, let wel het omhulsel.’

Waarom dus al jaren delibereren over dit omhulsel onder de noemer ‘nieuw ziekenhuis’ waarin vakbekwame generaties professionals moeten werken? Blijkbaar is nu uiteindelijk toch gekozen voor het up-graden van het antieke Sint Elisabeth Hospitaal, al zal dit natuurlijk wel weer met de nodige sores en logistieke problemen gepaard gaan.

Ik ga dit hele project dus met Argusogen volgen. U raadt het al, met de Amerikaanse verrekijker die eens mijn vader toebehoorde en kijkend vanuit mijn achterraam naar de kranen en bouwstellages die ongetwijfeld binnenkort een gedeelte van het straatbeeld in Otrobanda gaan bepalen. Of ben ik iets te voorbarig?

En die tent, het kwetsbare omhulsel in het regenachtige dennenwoud, wat gebeurde daar mee?

De Rus kwam niet langs over de heide en de groene waterdichte tent werd gestald in het berghok.

Tot ik door Europa ging liften en hij meeging, vrachtwagen in, vrachtwagen uit, naar Frankrijk, Spanje en Italië. De kleine tent had inmiddels een eigen verdedigingslinie gecreëerd van lege bierflessen en zo kon mijn vriend Ben Wong op weg naar Ibiza ook feilloos op een overvolle camping mijn tijdelijke schuilplaats traceren.

Een jaar later liftte ik met ex-corpsbroertje Peter Bolsius naar het zuiden. Bij verkeersknooppunt Lyon viel ik op de middenberm van de weg tussen de struiken in een spontane, welkome en diepe slaap. Peter liftte nog even door, had hij gezegd, en werd 25 kilometer verder beroofd afgezet door een Franse autobende. Een gendarme maakte me wakker. De tent was weg. Die zat in de rugzak van Peter evenals een hoeveelheid geld. Twee dagen later waren we terug in Amsterdam. ‘Ik trakteer je op een groot maal bij de Chinees in de Warmoesstraat’, beloofde hij. Ik heb hem nooit meer gezien.

Het nieuwe ziekenhuis laat nu ook al jaren op zich wachten, ook zo’n mooie belofte van diverse regeringen. Ik houd de oude verrekijker inmiddels paraat inzake nieuwe ontwikkelingen. Waar de tent komt te staan is uiteraard niet zo relevant. Het gaat altijd om de inhoud en dat is nu eenmaal vaak een probleem op dit eiland.

Hans Vaders

Vaders heeft een wekelijkse column in de Amigoe … en heeft me toestemming gegeven deze column ook op mijn website te publiceren.

Papiamentu ‘free style’

Een anglicisme vrij doorgetrokken naar het Papiamentu door een van mijn kinderen. Een fonetische vertaling, spelend met de landstaal die niet zijn moedertaal is en ge-graffiti-ed op de muur van een leegstaand huis. Het onbedwingbare gevolg van een hormoonoprisping die zijn oorsprong vindt in het puberale stadium waarin mijn jongensmens momenteel vertoeft en die hem ertoe drijft zijn aanwezigheid op deze wereld duidelijk te maken. Een identiteitsding is het, een laten zien van jezelf, een beetje ‘territoriumpissen’ van het ego, zo van ‘Ik ben er’ en een ‘Dit is wat ik ben’.

De creatieve tekst die mijn zoon op die muur spoot zegt me heel veel over niet alleen wie maar ook ‘waar’ hij is. Een land van vele talen die hij zichzelf meer dan eigen heeft gemaakt, sterker nog hij kan ermee ‘spelen’. Op zijn leeftijd is het Engels wat de klok slaat. Maar daarmee ben je niet onderscheidend genoeg wanneer je je eigen individualiteit wil benadrukken. Want iedereen ‘doet’ het met Engels.

Nu kan uniek-zijn natuurlijk ook in de boodschap die je verwoord verpakt worden, maar daar heeft hij niet voor gekozen. Hij koos voor een universele boodschap gestoken in een creatieve vorm met het Engels als ondergrond en het Papiaments als uitingsvorm. Spelend met fonetiek en gramatikale regels. En dat levert een levend gebruik op van het Papiamentu dat naar mijn smaak ‘very very sexy’ is.

Un danki di Kurason

All I can say is Thank You! Everyone that was with us at Playa Kanoa, and everyone that couldn’t make it but sent us thoughts… it was beautiful! Un danki di kurason. Especially for these two:


Junice en Roy