Wat er gebeurt als je even ‘niks’ te doen hebt

Het bericht dat het me wel wat leek om een bloem op de pick-up te ‘planten’ werd door mijn zonen met luid protest beantwoord. Protest…? Regelrechte bedreigingen heb ik van ze gehad. Varierend van ‘my life is over’ tot ‘moeten we je laten opnemen, mam?’.

Ik ben bewerkt, gemanipuleerd, gechanteerd en voor ‘gestoord’ versleten. Anarchie en chaos, dat is wat me tegemoetkwam. Maar zij hadden niet de droom gehad die ik had gehad.

Beeldschoon was ze. Een bloem uit het niets. Ze dwarrelde door de lucht en kwam op de motorkap van mijn auto terecht. Daar spreidde ze haar bloembladeren en groeide vast. Ik werd wakker met de gedachte: een bloem op mijn auto, dat lijkt me wel wat.

Ik heb eerst alle roestvlekken weggewerkt. Haar wit opgespoten. Op mijn manier en ookal ben ik geen autospuiter, ze zag er nadat ik haar onder handen had genomen beter uit dan daarvoor.

Een maagdelijk wit oppervlak had ik nu. Als een onbeschreven blad. En het begon te kriebelen en jeuken. Het beeld uit mijn droom drong zich op. ‘Je traumatiseert je kinderen voor hun leven,’ zei mijn liefste kleine zus die ook een ‘gestoorde’ moeder heeft gehad. ‘Dat hebben we toch overleefd’, kaatste ik terug. ‘Nu lachen we erom.’

Ik was er nog over aan het nadenken tot ik mezelf bij Julie van de Chinese toko om de hoek terugvond met spuitbussen gekleurde autolak in mijn hand. ‘Ik ga dit doen!’ Even later sneed ik sjablonen van karton, nam ik de spuitbussen ter hand en stond ik te doen wat ik voelde dat ik moest doen: een bloem op mijn motorkap zetten.

Het commentaar op facebook was niet wat mijn oudste zoon had verwacht. Ha, dacht ik. Pubers willen rebelleren en waarderen elke vorm die het ‘anders’ zijn naar voren brengt. Hij heeft zich dan ook, in tegenstelling tot wat hij eerst beweerde (‘zet me maar 100 meter verder van de school af’), gewoon voor school laten afzetten. De ander heeft alleen maar geamuseerd gelachen en gezegd dat het eigenlijk best ‘leuk’ was. Maar ja, die is pas 11.

Maar goed. Ik rijd nu dus rond met een bloem op mijn motorkap waar ik heel erg vrolijk van word. Vandaag was mijn moeder bij mij en ze zag wat ik met mijn auto had gedaan. ‘Elo, er moet wel een beetje schaduweffect op enzo.’ Ik keek naar d’r, realiseerde me van wie ik deze gekkigheid heb en met de wetenschap dat zij echt tekenen kan zei ik met een hele brede glimlach: ‘Mam, be my guest.’

 

 

Come to my island

Zaterdagmorgen vaste prik: ‘Prachtig tachtig’ op de radio. Ik word daar zo vrolijk van. En vandaag helemaal. Er werd er eentje uit de kast getrokken die de zon binnen en buiten mij doet oplaaien. Herinnert u zich deze nog?

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Come to my island

En nou wat…?

Daar zit ik dan. Een boek bijna bij de drukker, de ander ligt bij mijn coach voor commentaar. Een routine van meer dan een jaar ligt op z’n ‘gat’. In between books… dat is waar ik zit en het voelt vreemd om er even niet mee bezig te zijn. De twaalf mensen die maanden doorleefden in mijn hoofd terwijl ik aan het koken, werken of wassen was, zijn tot rust gekomen. Geen razende scenes meer, geen dialogen in wording. Het is gewoon doodstil. Wat hen betreft dan. Bij mij van binnen namelijk broeit het.  Een beetje onwennig en eerlijk gezegd jeuken mijn handen. Een rustige onrust, alsof er ruimte is ontstaan in mij waarmee ik nog even niet weet wat ik  ga doen.  Zo voelt het.

Is dat normaal, vroeg ik me af. Volgens Sonja Garmers  is het beste wat je kan doen gewoon aan je volgende boek beginnen.  Seth Gaaikema vertelde me dat je zonder die onrust creatief ‘dood’ bent en dat ik er heel dankbaar voor moet zijn dat ik me zo voel. Mijn moeder zei: ‘Ga wat doen. De bedden verschonen, je huis poetsen, doe iets.’ Ik keek rond, zag de wapperende lakens aan de lijn en de streeploos opgedroogde vloer. ‘Al gedaan mam.’   Ze zette me wel aan het denken. De ruimte zit niet in wat ik doe, ontdekte ik, ze zit in mijn hoofd en behalve dat het wat onwennig is voelt het eigenlijk ook wel goed.

En dus doe ik even niets. Laat ik het maar over me heen komen. Ik ben in between books en ik heb zo’n idee dat ik dat nog vaker mee zal maken.

 

Engel op blauw

Schrijven voor een ander

Aangezien het schrijversschap zo ongeveer de slechtst betaalde baan op aarde is… (een uurloon komt gemiddeld uit op vijftig cent omdat het denkwerk dat aan het product vooraf gaat doorgaans niet in het salaris wordt opgenomen… enne begin niet met ‘Dan moet je wel erg veel denken’…) en ik het leuk vind om ook voor anderen te schrijven of om hen met het reeds geschrevene van steun en toeverlaat te dienen, kun je me ook inhuren voor:

-Redactiewerkzaamheden

-Speeches

-Interviews

-Correctiewerk

-Vertaalwerk

-Valentijnsgedichten of andere snuisterijen die iemand blij maken

en wat er verder nog verzonnen kan worden zoals een workshop creatief schrijven.

Wil je wat van me…? Neem dan contact op.

Interview met SeriouS

Jonathan Hoevertz is de zanger van de band SeriouS. Een Arubaan die in Nederland afstudeerde aan de Rock academy te Tilburg. Een muzikant met een passie.

Het Interview: P22+23

Interview met G.S.

Waarschuwing vooraf: dit artikel is het verhaal van een meisje dat jarenlang seksueel werd misbruikt door haar vader. Op Curaçao, in een gewoon huis, in een gewoon gezin. Dit meisje is zo moedig geweest haar verhaal te delen. Zodat anderen er misschien wat aan hebben.

 

De zaak G.S.

Door Elodie Heloise

 

‘Via de zijporch kijk ik het keukenraam in. Mijn vader staat voor de ijskast. Hij heeft de waterkan aan zijn mond gezet. Ik wil niet dat hij dat doet. Niet aan die kan waar we alllemaal water uit drinken. Niet met die mond. Die mond die op plaatsen is geweest die ik niet eens uitspreken durf. Die mond. De mond van mijn vader.’

G.S. (14 jaar)

 

Een meisje laat me binnen. Klein van stuk. Vriendelijk, een voorzichtige lach om haar lippen. Verlegen haast. We kennen elkaar nog niet en het gesprek dat we zullen voeren vraagt om heel veel vertrouwen. Een vertrouwen dat nog niet bewezen is. Het soort vertrouwen waarin juist dit meisje enorm is geschaad. Ik ben me daar bewust van en ontdek dan dat zij dat ook is want het meisje dat tegenvoor me zit, is allang geen meisje meer. Ze is een jonge vrouw. Een jonge vrouw die haar verhaal wil vertellen. Omdat ze vindt dat hierover openlijk gesproken moet worden. G.S. wil met haar verhaal bijdragen aan het uit de taboesfeer halen van seksueel misbruik van kinderen op Curaçao.

,,Ik dacht dat ik vanaf mijn zesde door mijn vader ben misbruikt. Maar nu ben ik daar niet meer zeker van. Een nichtje kwam vroeger logeren en die is het ook overkomen. We sliepen op een kamer. Ik was anderhalf toen dat met haar gebeurde. Mijn herinnering gaat niet verder terug dan zes jaar. Ik vermoed dan ook dat ik er gewoon in geboren ben en dat hij al veel eerder aan mij zat. Het is niet prettig om dat niet precies te weten”, zegt G.S. Het is een van de mysteries waar ze waarschijnlijk nooit antwoord op zal krijgen. Net zo min als op de vraag ‘waarom’ haar vader haar seksueel, mentaal en sentimenteel heeft mishandeld en misbruikt. G.S is nu negentien en heeft begin dit jaar voor het eerst openlijk gesproken over de hel waar ze zolang ze zich kan herinneren in heeft geleefd.

,,Ik heb een vader, een moeder en een broertje. Een gezin van vier waren we. Maar ik heb me er nooit thuis gevoeld. In dit huis niet, in mijn gezin niet en in mijn familie niet. Ik was een buitenstaander, anders, een soort alien. Ik wist dingen, maakte dingen mee die niemand wist. Dat maakte mij anders. Ik heb zelfs weleens gedacht dat ik geadopteerd moest zijn. Dat dat de reden was. Een vader zit toch niet aan zijn eigen vlees en bloed? Ik stond alleen. Hij kwam altijd ‘s avonds en later op de maandagen. Dan had hij de middag vrij van werk. Ik denk nu dat hij dat met voorbedachte rade zo geregeld had. Die maandagen waren vreselijk. Ik voelde me zo slecht. Wist dat dit niet goed was. Maar durfde ook niets te zeggen. Mijn vader is een gevaarlijke man. Dat wist ik al. Ik was heel bang voor mijn moeder en mijn broertje. Wat zou er gebeuren als ik mijn mond open deed?

 

Het hele interview lezen…

dE ZAAK g.s.

 

Welkom…

elo 2014… op mijn website. Mijn naam is Elodie Heloise en ik schrijf.

Vanuit Curacao strooi ik verhalen, die ik spinsels en fluisterijen noem, de wereld in.

Ik heb in 2012 de verhalenbundel Woestijnzand de wereld in gejaagd. Een roman Blauwe Tomaten staat op de agenda. Het boek en ik zijn, zeg maar, in proces.

Op deze website behalve de gekkigheid die ik om me heen meemaak ook informatie over het schrijversproces dat ik besloot te delen opdat anderen er wellicht wat aan kunnen hebben.

Aldus ben je uitgenodigd deelgenoot te zijn van mijn ‘blunders’, mijn gevechten met mijn ego, met mijn onvermogen en onvolkomendheden… en dat alles alleen maar om te komen tot een goed boek of verhaal. Ik ga alles aan want schrijven is voor mij het mooiste vak dat er bestaat.

De foto die je hier ziet is een ‘selofie’.

Een hartelijk welkom en… Enjoy! Elodie Heloise